Dorpsdrama's - Rampen en doodslag (1838)  

De moord op een Oirschots meisje

Nunen, L. van.

Het was een mooie zomerse middag op 3 augustus 1941. Plots ging er een afschuwelijk bericht door de buurt, ‘in de Vochtsestraat is iemand vermoord!‘ (Ter verduidelijking: de Vochtsestraat , een zandstraat, begon daar waar nu de Jan van Speyklaan begint en kwam uit op de Peperstraat.)

De hele buurt liep uit om zich naar de plek des onheils te begeven, doch verder dan waar de Vochtsestraat begint, kwam men niet. De reeds aanwezige politie hield iedereen tegen.
Allerlei speculaties over wat er gebeurd was, deden de ronde. Al spoedig werd de waarheid bekend.

Cees Hems, toen wonende wat nu Vier Uitersten nummer 16/18 is, ging die middag samen met zijn vrouw , die in verwachting was van hun zoon, een eindje wandelen in de Vochtsestraat, waaraan ook een tuin van hun was gelegen.
Dan zien zij tegen een boom een damesfiets staan waar een vlaggetje aanhangt van VITESSE, de busonderneming die het streekvervoer verzorgde tussen Eindhoven en Tilburg met als standplaats een garage in Oirschot.
Nieuwsgierig geworden keken zij, links van het straatje, het land op en ontdekten daar het lichaam van het slachtoffer bij een ondiep slootje.
Na onderzoek door de politie bleek dat het hier ging om Petronella Hubertina Cornelia Leurs, geboren te Weert op 15 juli 1921 als dochter van Sjaak Leurs en Maria van de Ven, wonende in de Koestraat te Oirschot en werkzaam als conductrice op de bus van de Vitesse. Dat verklaarde dus ook het Vitessevlaggetje aan de fiets.

Het verhaal achter deze misdaad bleek een afgewezen liefde te zijn. Gedurende de mobilisatie van het Nederlandse leger vóór de Duitse inval, waren heel veel soldaten in Oirschot gelegerd, waaronder ook de uit Goes afkomstige dader, die toen de rang van sergeant had. Dat was in die tijd een heel status symbool. Tijdens zijn verblijf in Oirschot leerden zij elkaar kennen en kregen zij samen verkering. Na de demobilisatie heeft hij de bons gekregen. Dat heeft hij niet kunnen verkroppen en is op die zondag, met een bijltje in een tas, naar Oirschot gegaan, heeft haar mee genomen naar de Vochtsestraat en heeft haar daar toen met het bijltje omgebracht. Na zijn daad is hij terug gegaan naar Goes en heeft zich zelf bij de politie aangegeven, waarna hij is overgebracht naar een cel in Oirschot. Vanuit deze cel moest hij, begeleid door politie, te voet naar het gasthuis om daar de confrontatie met het opgebaarde slachtoffer aan te gaan.
Hij heeft vijftien jaar voor deze daad moeten brommen!