In 1838 plaatsten enkele inwoners van Oirschot een kruis in het Vogeltjesbos (tegenwoordig aan de Oude Grintweg). Op deze plaats werd in dat jaar het lijk gevonden van de 16-jarige Italiaanse marskramer Giovanni Castione, die om de schamele inhoud van zijn mars werd doodgeslagen door Martinus Zoeren uit Arnhem. De moordenaar werd in 1839 in zijn geboorteplaats opgehangen.
Er moeten vroeger meer van dergelijke kruisen hebben gestaan in de omgeving van Oirschot. Daders van doodslag werd vaak de verplichting opgelegd om ter nagedachtenis van hun slachtoffers een kruis op te richten.
De moord op de Italiaan is een van de vele drama's die de bevolking van Oirschot en omstreken door de eeuwen heen heeft geschokt. Zoals ook de moord op de drossaard van Oirschot, Mr Jean de Marcq, ruim een eeuw eerder de gemoederen heeft beziggehouden, of de instorting van de kerktoren in 1904.
Dit soort drama's zijn een test voor de saamhorigheid van de samenleving. Zij werpen een nieuw licht op de verhoudingen, maar versterken in de regel de gemeenschapszin. Gedeelde smart is immers halve smart.